CITATEN:
BRAHMAN CITATEN
BHAGAVAD GITA: Sommigen vereren het vormloze, andere aanbidden wat vorm aanneemt; alleen de wijze weet dat Brahman in beide woont.
CHANDOGYA UPANISHAD: Namen en vormen hangen slechts in de ruimte; in de waarheid leven zij in het onsterfelijke Brahman; Hij is Hetzelf.RAMAKRISHNA: Brahman, de Waarheid, is dieper dan gedachten en woorden, dieper dan Dháraná, concentratie en Dhyána, meditatie, dieper dan de kenner, het gekende en het kennen, dieper zelfs dan de opvatting "het werkelijke" en "het onwerkelijke". In het kort, Het is dieper dan elke betrekkelijkheid.
RAMAKRISHNA: Geboorte en dood zijn als bellen op het water. Het water is echt, de bellen zijn onecht. Zij beginnen in het water en gaan er ook weer in op. God is gelijk een grote oceaan en de zielen zijn gelijk luchtbellen. Door Hem komen zij tot wezen, in Hem leven zij en tot Hem keren zij terug. God alleen is werkelijk, zijn manifestaties als de ziel en de wereld - Jiva en Jagat - zijn onwerkelijk. Ze zijn voorbijgaand, niet-durend.SVETASVATARA-UPANISHAD: Dit is het stralend Brahman dat de gehele schepping verlicht; de schepper van het heelal vanaf het begin; hij was, hij is en eeuwig zal hij zijn, alles doordringend en al-ziende.
MANDUKYA UPANISHAD: OM! Mogen onze oren het goede horen. Mogen onze ogen het goede zien. Mogen wij hem dienen met de kracht van ons lichaam. Het woord OM welke het onvergankelijke Brahman is, is het universele, het onvergankelijke. Verleden, heden en toekomst, alles is AUM. En alles wat aan gene zijde van de drie verdelingen van de tijd (verleden, heden en toekomst) ligt, ook dat is AUM.Brahman wordt gepresenteerd als het onsterfelijke, allesdoordringende principe dat de kern vormt van het universum en alle verschijnselen overstijgt.
Bhagavad Gita: Brahman is zowel in het vormloze als in het vormgegeven aanwezig; alleen de wijze ziet dit.
Chandogya Upanishad: Namen en vormen zijn illusies in de ruimte; de waarheid leeft in het onsterfelijke Brahman.
Ramakrishna:
Brahman is dieper dan gedachten, meditatie en zelfs het onderscheid tussen werkelijk en onwerkelijk.
Geboorte en dood zijn als bellen op het water—tijdelijk en illusoir. Alleen God (Brahman) is werkelijk.
Svetasvatara Upanishad: Brahman is het eeuwige licht dat alles doordringt en ziet; de schepper van het heelal.
Mandukya Upanishad:
Het woord OM (AUM) symboliseert het onvergankelijke Brahman en omvat verleden, heden, toekomst én dat wat daarbuiten ligt.
Brahman manifesteert zich in alles: natuur, seizoenen, dieren, mensen—zonder begin, allesomvattend.
Brahman is:
Vormloos én vormgevend
Tijdloos en alomtegenwoordig
De bron van alle leven en verschijnselen
Niet te vatten met woorden of gedachten
![]()