LEVENDE
GEDACHTEN
x
OSHO
x
KRISHNAMURTI
x
MAHARISHI
x
MEHER BABA
x
SAI BABA
x
VIVEKANANDA
x
BHAGAVAD GITA
x
MYSTIEK
x
NIETZSCHE
SPINOZA
FILOSOFIE OVERIGE
x
I TJING  
x
THOMAS EVANGELIE
x
OVERIGE
x
CITATEN
x
TREFWOORDEN & LINKS
x
SITEMAP
x
HOMEPAGE

 

      KRISHNAMURTI: VRIJHEID EN MEDITATIE 

  KAN DENKEN ONZE PROBLEMEN OPLOSSEN ?  

Gedachten hebben onze problemen niet opgelost en ik meen, dat dit nooit zal gebeuren.

Wij hebben op ons intellect vertrouwd om ons de weg te wijzen uit onze gecompliceerdheid.

Hoe slimmer, hoe geraffineerder, hoe verfijnder het intellect is, des te meer gevarieerd zijn de stelsels, de theorieŽn, de ideeŽn.

En ideeŽn lossen geen enkel menselijk probleem op; zij hebben dit nooit gedaan en zullen het nimmer doen.

De geest geeft geen oplossing; de weg van het denken is klaarblijkelijk niet de weg uit onze moeilijkheid.

Het schijnt mij toe dat wij eerst dit denkproces moeten begrijpen - misschien zijn we dan in staat, er bovenuit te komen - want, wanneer het denken ophoudt, zullen wij misschien de weg kunnen vinden, welke ons zal helpen onze problemen op te lossen, niet alleen de individuele, maar ook de gemeenschappelijke problemen.

Denken heeft onze problemen niet opgelost.

De knappen onder ons, de filosofen, de geletterden, de politieke leiders hebben geen enkel onzer problemen werkelijk opgelost, zoals o.a. de verhouding tussen u en een ander, tussen u en mij.

Totnogtoe hebben wij de geest, het intellect gebruikt om ons te helpen het probleem te doorvorsen, hopende daardoor een oplossing te vinden.

Kan het denken ooit onze problemen oplossen?

Is gedachte - behalve in het laboratorium of op het tekenbord, niet altijd zelfbeschermend, zelfinstandhoudend, beperkt?

Is haar activiteit niet op het 'zelf' gericht?

En kunnen zulke gedachten ooit enig probleem oplossen, dat door gedachte zelf in het leven is geroepen?

Kan de geest, die de problemen schiep, die dingen oplossen, welke hij zelf voortgebracht?

Denken is ongetwijfeld een reactie.

Indien ik u vraag stel, antwoord gij daarop; gij antwoordt in overeenstemming met uw herinnering, uw vooroordelen, uw opvoeding, het klimaat, volgens de gehele achtergrond van uw beperktheid.

Gij antwoordt dienovereenkomstig, gij denkt daarmee in overeenstemming.

Het middelpunt van deze achtergrond is het 'ik' in het proces van handeling.

Zolang die achtergrond niet begrepen is, zolang dat denkproces, dat 'zelf', hetwelk het probleem schept, niet begrepen wordt en er geen eind aan is gemaakt, zolang moeten we onvermijdelijk conflicten hebben, innerlijk en uiterlijk, in gedachte, in emotie, in handeling.

Geen enkele oplossing, van welke aard ook, hoe knap, hoe goed uitgedacht, kan ooit een einde maken aan het conflict tussen mens en mens, tussen u en mij.

Wanneer wij dit beseffen en gewaar zijn, hoe en uit welke bronnen gedachten ontspringen  - economische, sociale, godsdienstige - zijn zij ooit een van alle opgelost door denken?

Des te meer gij in uw dagelijks leven denkt over een probleem, des te ingewikkelder, des te vager, des te onzekerder wordt het.

Is dat niet zo in ons actueel, dagelijks leven?

Gij mocht door bepaalde facetten van het probleem te bekijken, het gezichtspunt van een ander duidelijker zien; maar 'denken' kan de samenvatting, de volledigheid van het probleem niet zien - het kan alleen gedeeltelijk waarnemen en een gedeeltelijk antwoord is geen volledig antwoord, daarom brengt het geen oplossing.

Hoe meer wij denken over een probleem, des te meer we het onderzoeken, analyseren en er over discussiŽren, des te ingewikkelder wordt het.

Is het dus wel mogelijk, met aandachtig begrip, volledig, het probleem te bekijken?

Hoe is dit mogelijk? want dat lijkt mij onze grootste moeilijkheid.

Onze problemen zijn vermenigvuldigd - er dreigt direct oorlogsgevaar, er is allerlei soort stoornis in onze verhoudingen - en hoe kunnen we dit in zijn geheel, alles omvattend, begrijpen?

Klaarblijkelijk kan het alleen worden opgelost, wanneer wij het als een geheel zien, niet in gedeelten, niet verdeeld.

Wanneer is dat mogelijk?

Ongetwijfeld is het alleen mogelijk, wanneer het denkproces - hetgeen zijn oorsprong heeft in het 'ik', in het 'zelf', in de achtergrond van traditie, van beperktheid, van vooroordeel, van hoop, van wanhoop - tot een eind gekomen is.

Kunnen wij dit 'zelf' begrijpen, niet door analyseren, maar door het ding te zien zoals het is, door het gewaar te zijn als feit en niet als theorie?

Niet door trachten het 'zelf' op te lossen ten einde een resultaat te bereiken, maar door de activiteit van het zelf te zien, van het 'ik' dat voortdurend in actie is?

Kunnen we het bezien, zonder enige neiging om te vernietigen of aan te moedigen?

Dit is het probleem, nietwaar?

Indien, in ieder onzer, dat centrum van het 'ik', met zijn begeerte naar macht, positie, gezag, voortbestaan, zelfbehoud, niet bestaat, dan zal er stellig een eind komen aan onze problemen.

Het zelf is een probleem, dat niet door denken kan worden opgelost.

Er moet een bewustheid bestaan, welke niet uit het denken voortkomt.

Gewaar zijn, zonder de activiteiten van het 'zelf' te veroordelen of te rechtvaardigen - louter daarvan gewaar - is voldoende.

Indien gij gewaar zijt, ten einde te ontdekken, hoe ge het probleem kunt oplossen, ten einde het te transformeren, ten einde een resultaat te bereiken, dan ligt het nog steeds in het veld van het 'zelf', van het 'ik'.

Zolang wij een resultaat zoeken, hetzij door analyseren, door gewaarzijn, door elke gedachte aanhoudend te onderzoeken, zijn wij steeds bezig op het terrein van het denken, binnen het veld van het 'mij', van het 'ik', van het ego, of hoe ge het noemen wilt.

Zolang de activiteit van de geest bestaat, kan er zeer zeker geen liefde zijn.

Wanneer er liefde is, zullen we geen sociale problemen meer hebben. Liefde echter is niet iets, dat aangeleerd kan worden.

De geest kan trachten haar te veroveren, zoals hij een nieuwe gedachte, een nieuw instrumentje, een nieuwe denkwijze verkrijgt, doch de geest kan niet in staat van liefde verkeren, zolang het denken zich liefde eigen maakt.

Zolang de geest streeft naar een toestand van ophebzuchtigheid, is hij onmiskenbaar nog steeds vol hebzucht.

Eveneens verloochent de geest een toestand, waarin liefde heerst, zolang hij die toestand wenst, begeert en ernaar handelt, nietwaar?

Wanneer wij dit ingewikkelde levensprobleem zien en van het proces van ons eigen denken gewaar zijn; wanneer wij beseffen dat dit feitelijk nergens toe leidt, ons dit diep realiseren, dan is er ongetwijfeld een toestand van intelligentie, welke niet individueel, noch collectief is.

Dan eindigt het probleem van de verhouding van individu tot de maatschappij, van individu tot de gemeenschap, van individu tot werkelijkheid, want dan is er slechts intelligentie, welke noch persoonlijk, noch onpersoonlijk is.

Ik gevoel dat alleen deze intelligentie onze enorme problemen kan oplossen.

Dit kan geen resultaat zijn; het openbaart zich alleen, wanneer wij het totale denkproces volkomen begrijpen, niet alleen oppervlakkig, doch ook in de diepste, meest verborgen lagen van ons bewustzijn.

Om elk van deze problemen te begrijpen, moeten wij een rustige geest hebben, een zeer stille geest, zodat de geest het probleem kan beschouwen, zonder inmenging van denkbeelden of theorieŽn, zonder enige afleiding.

Dat is een onzer mogelijkheden, omdat het denken een afleiding is geworden.

Wanneer ik iets wil begrijpen, het wil bekijken, behoef ik er niet over te denken, ik kijk er naar.

Op het ogenblik dat ik begin te denken, er ideeŽn, opinies over heb, ben ik al in de toestand van afleiding, van afgeleid-zijn van het ding, dat ik moet begrijpen.

Zo wordt het denken, wanneer gij een probleem hebt, een afleiding - omdat gedachte een denkbeeld, een opinie, een oordeel, een vergelijking is - welke ons verhindert waar te nemen en daardoor het probleem te begrijpen en op te lossen.

Helaas is het denken voor de meesten onzer buitengewoon belangrijk geworden.

Gij zegt: 'hoe kan ik bestaan, zijn, zonder denken?

Hoe kan mijn geest blanco zijn?

Een blanco geest hebben, betekent in een toestand van gevoelloosheid, van onnozelheid verkeren, of hoe ge dit noemen wilt, en uw instinctieve reactie erop is, dit te verwerpen.

Maar een geest, die heel rustig is, niet afgeleid door eigen denken, een open geest, kan stellig het probleem zeer direct en eenvoudig beschouwen.

Het is dit vermogen onze problemen zonder enige afleiding te bezien, dat de enige oplossing geeft.

Daarvoor moet de geest rustig, stil zijn.

Zulk een geest is niet een resultaat, niet een eindproduct van oefening, van meditatie, van beheersing.

Hij ontstaat door geen enkele vorm van discipline, dwang of veredeling, zonder enige inspanning van het 'ik', van het denken.

Hij ontstaat, wanneer ik het volledige denkproces begrijp - wanneer ik een feit kan zien, zonder dat iets mij afleidt.

In die toestand van stilte van de geest, die waarlijk stil is, is liefde.

En liefde alleen kan al onze menselijke problemen oplossen.