LEVENDE
GEDACHTEN
x
OSHO
x
KRISHNAMURTI
x
MAHARISHI
x
MEHER BABA
x
SAI BABA
x
VIVEKANANDA
x
BHAGAVAD GITA
x
MYSTIEK
x
NIETZSCHE
SPINOZA
FILOSOFIE OVERIGE
x
I TJING  
x
THOMAS EVANGELIE
x
OVERIGE
x
CITATEN
x
TREFWOORDEN & LINKS
x
SITEMAP
x
HOMEPAGE

 

      MYSTIEK: DE MEESTERS VAN HET VERRE OOSTEN  

  IK BEN DAT  

De Christelijke Bijbel zegt: 'God is een Geest.'

De oorspronkelijke tekst was 'God is Geest,' en beperkte hem nooit tot een attribuut of een toestand.

De schrijver zei: 'Het is zoiets als trachten om God in het vierde deel van ons intellect te pressen.

Spirit en geest zijn synoniem.

Zij zijn een en dezelfde in trillingsinvloed.

Dat wat verschil schijnt te maken is het feit dat we onze gedachten opvatten als wijzend op geest.

Geest is bewustzijn, want geest en bewustzijn zijn onscheidbaar.

Het element van het bewustzijn is de gedachte en wanneer we ons bewust zijn van spirituele Feiten, is er voor ons geen verschil tussen geest en 'spirit'.

We zijn dan in een toestand van Spiritueel Bewustzijn.

Kunnen we niet voor eens en altijd duidelijk maken, dat de verschillende 'geesten', zoals we hen noemen, slechts een verschil in denken zijn ?

De Geest, functionerend als wat wij geest noemen, is ditzelfde spirituele vermogen in de mens, dat functioneert in zijn laagste capaciteit, doordat het geperverteerd wordt tot lagere doeleinden.

De menselijke geest denkt, de Godgeest WEET.

Je hebt gelijk, wanneer je denkt aan geest als bewustzijn in actie, maar ook 'Spirit' is bewustzijn in actie.

Ook zij zijn synoniem.

Elk van beide kan in een sluimertoestand raken of verzonken raken in het individu, maar zij liggen niet verzonken in de uiterlijke toestand.

Als het uiterlijk gelijk is aan het innerlijke, ligt de geest nooit verzonken in het individu, maar sluimert hij slechts.

Het individu denkt alleen maar, dat hij verzonken ligt, en voor die persoon kan hij niet-bestaand worden, omdat hij zich niet van hem bewust is.

Het bewustzijn is altijd aanwezig en komt ogenblikkelijk tot leven, indien men bewustzijn projecteert in de richting van dat wat altijd is, de Spirituele Werkelijkheid.

Het element van bewustzijn is het leidende eerder dan het aandrijvende werktuig van de geest.

Zo is het onmisbaar bij het uitzenden van de emanaties van de geest, of, zoals we het formuleren, bij het opvoeren van de emanaties van de geest tot hun werkelijke toestand, mits het element van bewustzijn in overeenstemming is met de Spirituele Werkelijkheid.

Wanneer de mens in zijn bewustzijn de activiteiten van enig principe begint samen te brengen, begint hij te zeggen 'Ik ben Dat.'

Dit is het centraliseren van het gezag van het principe in zichzelf.

'Ik Ben' maakt de geest dynamisch in plaats van hem te laten rusten in potentialiteit.

Hij wordt dynamiek, zodra we denken richten op IK BEN.

Dat brandpunt is altijd het centrum en van daaruit stromen de gebiedende opdrachten uit de gehele status van de manifeste mens beheersen en bepalen.

De IK BEN moet gebruikt worden om de werkelijke toestand van de mens aan te geven, dat wat hij in werkelijkheid is en niet dat wat hij zichzelf toegeschreven heeft in manifeste vorm.

'IK ben DIE ben,' die de belichaming is van het motiverende gezag van het Heelal.

Behalve DIE 'BEN' is er geen werkelijk bestaan, maar slechts begoocheling.

Deze naam 'IK BEN' was God voor Mozes.

Het is door de eeuwen overgeleverd als 'IK BEN'.

Voor de Hindoes is het AUM, wat hetzelfde betekent.

Voor de AriŽrs is het eveneens AUM.

De Chinezen gebruiken het als TAU.

Het ware gebruik van de 'IK BEN' is het handhaven van de oorspronkelijke identiteit van de mens in en bij zijn bron, terwijl men haar niet toestaat zich zo te verlagen, dat zij datgene wat hij niet is in zijn natuur insluit.

De mens is niet zijn ervaringen.

Hij is wat hij IS.

Ervaringen met dat wat minder schijnt dan hijzelf dienen nooit toegelaten te worden in zijn oordeel over zichzelf.

Ik ben altijd dat wat 'IK BEN IN DE GEEST', niet wat ik schijn te zijn in de ervaring of wat ik ervaren heb in de wereld.

Onverschillig wat ik meegemaakt heb of wat ik schijn mee te maken, ik blijf nog altijd wat ik ben in de oorspronkelijke zin, Gods Beeld en Gelijkenis.

De Ene Geest is niet voortdurend bezig met het scheppend van nieuwe ideeŽn.

Hij openbaart IdeeŽn die vanaf het begin gecreŽerd zijn, want de Ene Geest is Alwetend en is altijd Alwetend geweest.

Hij is nooit meer of minder dan ZICHZELF geweest en zal dat ook nooit zijn.

Het is allemaal een proces van weerkaatsing.

Het is hetzelfde als onze radiogolven tegenwoordig.

Zij stomen heen en weer of weerkaatsen van de ene ruimte naar de andere ruimte.

Dat wil zeggen, van ruimte tot ruimte, zo zou je kunnen stellen.

Dat wat we ruimte noemen is in werkelijkheid de Ene Spirituele Geest.

Dat is het principe volgens hetwelk de menselijke ziel, die het evenbeeld is van de Spirituele geest, ruimte en tijd kan overwinnen, want er bestaat niet zoiets als ruimte en tijd in de Geest.

In de Geest is alles volledig en in volledigheid kan zoiets als ruimte en tijd niet bestaan.

Dit is wat bedoeld wordt met 'dezelfde geest in je aanwezig laten zijn, die ook in Christus was'.

Het is een toestand van volledige eenheid die in wekelijkheid bestaat tussen de individuele en de Universele ziel en het moet een bewust feit worden voor het individu.

Dat is de totale Geest, de leidende geest, die bewust functioneert door middel van het individu.

De fysische mens of de mens die zich slechts van zichzelf bewust is als fysisch wezen, dat denkt dat het losstaat van God, de Ene Geest, en dat denkt in termen van de ene plaats naar de andere gaan, beweegt zich slechts in begoocheling voor zichzelf en vandaar in een in een ongelukkige toestand.

Hij is in werkelijkheid in en van die Ene Geest en leeft en beweegt en heeft zijn bestaan in Hem.

In de gesprekken van Jezus was zijn grootste uitspraak 'Vrede, wees stil'.

Het wordt nooit gezegd met luide stem, geprojecteerd vanuit de menselijke wil, maar in vereniging met de kalme, wetende kracht die voortkomt uit een besef van Eenheid.

Daar is de grootste veiligheid en de grootste kracht.

We hebben sommige van de zwaarste stormen overwonnen door die simpele uitspraak.

Op dezelfde wijze worden de schijnbare 'geestesstormen' van de menselijke geest tot bedaren gebracht, totdat men de leidende macht van de Ene Geest kan voelen.

De mens heeft zelf macht toebedeeld aan de uiterlijke wereld, want oorspronkelijk bevindt zich daar geen enkele macht en er bevindt zich daar zelfs geen macht, wanneer hij deze overgedragen schijnt te hebben.

Die macht verblijft nog altijd binnen hemzelf en dat macht schijnt te zijn in de omgeving of in iets anders buiten zijn eigen IK BEN, zijn centrale identiteit, is de pervertering van dezelfde macht binnenin hemzelf.

De macht is altijd binnenin de mens gelegen en zij werkt volgens de haar gegeven richting.

Maar achter dit alles bevindt zich de leidende kracht van het Universum en dat wat ik individueel ben moet een zijn met de IK BEN die universeel is.

Volmaakte overeenstemming moet bestaan tussen oorzaak en gevolg, want het bewegen van de oorzaak is het leven van het gevolg.