LEVENDE
GEDACHTEN
x
OSHO
x
KRISHNAMURTI
x
MAHARISHI
x
MEHER BABA
x
SAI BABA
x
VIVEKANANDA
x
BHAGAVAD GITA
x
MYSTIEK
x
NIETZSCHE
SPINOZA
FILOSOFIE OVERIGE
x
I TJING  
x
THOMAS EVANGELIE
x
OVERIGE
x
CITATEN
x
TREFWOORDEN & LINKS
x
SITEMAP
x
HOMEPAGE

 

      KRISHNAMURTI: TOESPRAKEN MET GEDACHTENWISSELING 

  DE ZIN VAN HET LEVEN  

Weet u - de mens, ieder van ons, waar we ook wonen, wil zo graag een geestestoestand, een toestand van leven ontdekken, die geen afmattende spanning, geen worsteling is.

Ik ben overtuigd, dat we allemaal, hoe maatschappelijk laag of intellectueel ontwikkeld we ook mogen zijn, een levensvorm zoeken die ordelijk is, vol schoonheid, vol grote liefde.

Dat is het streven van de mens geweest, miljoenen jaren lang.

En in de hoop het te vinden heeft hij het buiten zich geprojecteerd, het veruitwendigt, goden geschapen en verlossers, en priesters met hun eigen denkbeelden en op die manier is hij dat, waar het werkelijk om ging, misgelopen.

Dat alles moeten we van de hand wijzen.

We moeten van de opvatting, dat de hemel via een ander, of door het volgen van een ander te bereiken zou zijn, volledig afstappen.

Niemand in de wereld of in de hemel kan u dit leven verschaffen.

Daar moeten we zelf voor werken - onophoudelijk.

Wanneer we deze hele kwestie van ons bestaan doorzien - dit leven, dat zo pijnlijk is - moeten we ons ook afvragen, wat de zin van dit leven is.

Waar gaat het eigenlijk allemaal om?

We zijn op een verkeerde manier opgevoed - we zijn opgeleid voor een bepaalde loopbaan, om ons brood te verdienen en dan glijden we vanzelf het gezinsleven binnen en dan begint de nooit aflatende strijd.

Is dat werkelijk waarvoor de mensen leven?

Is het leven niet anders dan dat?

Daarom verzinnen we theoretische goden; we scheppen een theorie van iets 'anders'.

We zeggen dat er iets boven dit leven uitgaat.

Of dat er in ons iets ligt, dat de ware goddelijke vonk bevat enz.

Dat zijn absoluut geen feiten.

De werkelijke feiten liggen in ons dagelijks leven en al die structuren, die we verzonnen hebben om aan dagelijks leven te ontsnappen moeten we van de hand wijzen.

In het dagelijks leven moeten een verandering teweeg brengen en niet in een ideologische toekomst, een toekomstige wereld.

We moeten ons dus afvragen: waar gaat het allemaal om?

Waar leven we eigenlijk voor?

Wat is de zin van het leven?

De zin van het leven beantwoordt niet aan de stellingen van de theoretici, van de theologen; want die zijn zo geconditioneerd door hun geloven, hun ervaringen, hun oriŽntering op hun bepaalde kerk of groep, dat ze ten enenmale niet in staat zijn de zin van het leven te ontwaren.

We moeten dat zelf ontdekken en niet volgens een richtsnoer van een ander.

We moeten dus de vraag stellen: waar gaat het allemaal om?

Wat is de zin van het leven?

Is er eigenlijk wel enige zin in het leven, of is er alleen maar dit leven van worsteling en strijd, van wanhoop, smart en eindeloze verwarring?

De mens heeft zich deze vraag altijd al gesteld.

Het is werkelijk niet voor het eerst dat we die stellen.

De mens heeft hem gesteld en omdat hij die de zin niet ontdekte, heeft hij een zin bedacht; hij heeft een betekenis aan het leven gegeven.

Dat is de intellectuele truc - om aan het leven een zin te verlenen.

Maar als we zelf trachten erachter te komen, wat de zin, wat de betekenis van het leven is, zonder daar een betekenis voor te verzinnen, dan ontdekken we voor onszelf of een dergelijke betekenis bestaat of niet; en daarvoor moeten we noch aanvaarden noch verwerpen.

Dat betekent dat we, om dat te ontdekken, volledig negatief moeten zijn.

Begrijpt u goed wat ik bedoel.

Om iets helder te zien, moet onze geest leeg zijn.

Al wilt u maar een blad aan een boom zien - als uw geest kwetterend bezig is en steeds aan allerlei dingen en problemen denkt en vol denkbeelden en kennis gepropt zit, ziet hij nooit de schoonheid, de lieflijkheid van dat blad aan die boom.

En precies zo is het met de diepe zin van het leven - als die bestaat; daartoe moet de geest zich ontledigen van zijn eigen geconditioneerd zijn.

Kunnen onze hersencellen, die miljoenen jaren biologisch en antropologisch gedrild en geconditioneerd zijn, die zo zwaar onder dwang gezet zijn, ooit rustig worden, zodat ze in staat zijn iets nieuw te zien, als met nieuwe ogen?

Als we die vraag stellen of het leven eigenlijk wel zin heeft, en als we daar zelf een antwoord op willen vinden, dan moet onze geest - en onze hersenen die daar een onderdeel van zijn - dan moeten daarvoor de oude hersenen, die zo geconditioneerd zijn, volledig tot rust en stilte komen.

De oude hersenen, die altijd reageren en zeggen: ik ben een Katholiek, ik ben een Protestant, ik ben een Hollander, ik ben een Hindoe en al die nonsens meer.

Dat zijn die oude, zwaar geconditioneerde hersenen die reageren.

Als we dus de betekenis van het leven - zo die er is - willen ontdekken, dan moeten die oude hersenen tot rust komen en dat is een deel van meditatie.

Het gaat niet om verdringen.

Verdringen is niet mogelijk, u kunt ze niet veranderen, u kunt ze niet omschakelen.

Maar als u het zich keusloos gewaar bent kunt u zien, hoe de oude hersenen altijd tussenbeide komen, altijd onmiddellijk reageren volgens het patroon van hun geconditioneerdheid.

Wanneer u zo keusloos beseft wat er gebeurt, dan zult u bemerken dat de hersenen vrijwel tot rust komen.

Dan is er een adempauze tussen de spoorslag die we krijgen, en het antwoord daarop.

Is er een reactie op een spoorslag, dan is het de oude geest die onmiddellijk antwoordt.

Maar wanneer u gewaar bent zonder enig ingrijpen, dus zonder kiezen het feit gewaar bent, dan zult u zien dat de oude hersenen ongelooflijk stil worden.

En dat is de hele bedoeling van meditatie.

Maar het woord meditatie is zo misbruikt door uitbuiters, of door hen, die een bepaald stelsel voorstaan dat ze anderen willen opdringen; en dat betekent, dat ze totaal niet weten wat meditatie is.

Om er dus achter te komen of het leven een betekenis heeft, dit leven, dat zo vol smart en ellende is, met hier en daar een voorbijgaande flits van geluk en van vreugde - moeten we in alle ernst onszelf die vraag stellen.

Het antwoord zult u alleen kunnen vinden, als de oude hersenen tot stil zijn zijn gekomen - niet echter gekalmeerd door verdovende middelen of andere kunstgrepen.

Dan zult u tot de ontdekking komen dat er een betekenis is.

In het ontdekken van die betekenis komt de waarnemer, het centrum (het ego, het ik, de persoonlijkheid' die eenheid die zichzelf als denker, als waarnemer, als degene die ervaart karakter en persoonlijkheid geeft) tot een einde.